|
|
![]() |
|
De boerderijen in Oosteinde nemen een belangrijke plaats in in de dagelijkse economie in Oosteinde en dit gegeven mag niet ontbreken op de Dorpssite van Oosteinde.
|
|
|
De Boer op het Oosteinde
|
Agrarische bedrijven in Oosteinde
|
|
De veehouder De veehouderij was in deze buurtschap de hoofdzaak van het boerenbedrijf. De grootte van de bedrijven was nogal verschillend en het aantal koeien kwam meestal niet boven de 15. Dan sprak men van een groot bedrijf. Er moest veel handwerk worden verricht. De meeste boeren hadden een knecht, soms twee en een dienstmeid. Het platteland was hierdoor nogal bevolkt. Tot het eind van de vorige eeuw werd de melk op de boerderij verwerkt tot boter. Op de grote bedrijven was Op het gebied van de rundveehouderij is veel veranderd. De dierziektebestrijding was voor de boer van enorme betekenis. De mond- en klauwzeer, die er telkens heerste, bracht veel schade toe aan de bedrijven. Ook het besmettelijk verwerpen (Abortus Bang) was een gevreesde ziekte. De veefokkerij kreeg meer aandacht. Eerst waren de stierhouderijen opgericht, die later plaats moesten maken voor de K.I. Al deze ontwikkelingen hebben er toe bijgedragen, dat de rundveefokkerij ook voor de boeren in Oosteinde in beeld kwam. |
|
|
De varkenshouder Het gemengde bedrijf maakte plaats voor melkveebedrijven en de varkens, die nu nog worden gehouden op grote bedrijven aan de Larijweg geven aan, dat ook hier veel is veranderd. De handel in biggen gaat nu rechtstreeks van fokker naar mester. Bekende namen in de varkenshandel waren Jacob van Kampen en Zn., Jacob Nijzingh en Zn., Arie Bos, Gebr. Luten, Jan Hofman, Jan Vogelzang, Harm en Koop Boer en Berend Burgwal. Een bekend varkensfokbedrijf was van de familie Wemmenhove.
De varkenshouderij nieuwe stijl werd in 1993 uitgeoefend in het moderne varkensfokbedrijf van de familie G. van Keulen aan de Larijweg. |
|
|
De Paardenhouder Maar ook de handel op de markt en tussen boeren onderling was groot. Bekende namen in de paardenhandel waren Jan en Teunis Jonker, Jan Bouwman, Albert Hendriks, Wicher Hofstede en Jan de Vries.
De paardenfokkerij werd hier ook bedreven. Dit was niet bij iedere boer het geval. Het paard wordt nu veel gebruikt voor de sport. Ruiters uit deze regio waren o.a. Lucas Pol, Derk Slomp, Geert Diphoorn en Roelof Prins. Het houden van een paard is nu meestal luxe. |
|
![]() |
![]() |











Dit was een gezellige tijd. Buren en familie werden gevraagd voor dit werk. Men was in de herfst soms een week of langer met dit werk bezig. De rogge werd opgeslagen en in de winter opgevoerd aan het vee. Het was veelal de melkrijder, die de rogge of haver meenam naar de landbouwbank om te laten malen. De melkrijder kreeg voor iedere "ponge"

een karnmolen aanwezig, voor de anderen was het handwerk. De boter werd in Meppel op de markt verkocht. Dit waren de zgn. Meppeler Kluiten. De botermarkt in Meppel stond bekend om de goede kwaliteit, die er werd aangeboden. In 1903 kwam daar verandering in. De zuivelfabriek van de fa. Kingma werd door de boeren aangekocht en omgevormd tot een coöperatie. Hierdoor werd veel werk van de boerin overgenomen door de fabriek.


en. Het is dan ook niet verwonderlijk, dat kleine boeren een bijverdienste zochten in de sfeer van de varkenshandel. Daarnaast was een beerhouderij één van de mogelijkheden om het inkomen te verbeteren. De varkensmarkt in Meppel, de grootste in Europa, was een grote trekpleister voor de boer. Donderdag was de marktdag en vele boeren maakten daarvan gebruik. De biggen werden met paard en wagen vervoerd en de vrouw ging mee om de boodschappen te doen. Dit beeld is in de loop der tijden veranderd. Eerst werden de varkens nog met de vrachtauto vervoerd en ging de boer op de fiets. Maar de ontwikkeling ging door. De varkenshouderij verdween bij veel boeren, evenals de markt in Meppel. De besmetting met de gevreesde mond en klauwzeer was daar debet aan.


De paardenmarkten in het najaar in Rolde, Norg, Meppel, Roden, Dwingeloo en Zuidlaren werden druk bezocht. Vroeger waren het de geleiders, die zorgden dat de dieren goed in Ruinerwold aankwamen. Dat gebeurde te voet. Later kwam vrachtrijder van Dijk met een auto vol paarden en veulens laat in Ruinerwold terug.


